· 

De zoektocht naar zijn biologische vader.

Joshua
Joshua.

De eerste jaren van zijn leven had Joshua totaal geen interesse in wie zijn biologische vader was.

Eigenlijk stond hij er helemaal niet bij stil dat die ook bestond.

 

Het weten wie zijn biologische moeder was, was voldoende.

Eerst kwamen er meer vragen over haar, daarna over de reden dat hij niet bij haar kon wonen en naarmate hij ouder werd en ging begrijpen dat er een man en een vrouw nodig zijn om een kindje te krijgen, kwam er ook steeds meer interesse in zijn biologische vader.

 

In zijn adoptiepapieren stond eigenlijk niets meer dan dat zijn moeder en vader niet bij elkaar waren.

Niet echt een aanknopingspunt om een zoektocht te starten.

Een tipje van de sluier.

Open adoptie, adoptieverhalen, adoptie uit Amerika, adopteren
Joshua met zijn biologische zus.

We hebben al jarenlang goed contact met zijn biologische moeder maar veel over zijn vader liet ze niet los.

Iets wat ik uiteraard respecteer maar daarnaast blijft wel de vraag van mijn zoon bestaan.

Wellicht had ze er een goede reden voor om niets te vertellen en zou hij er enkel ongelukkig van worden als hij meer te weten kwam.

 

Toch probeerde ik een keer een balletje op te gooien door in een bericht te sturen dat Joshua steeds meer vragen kreeg en of ze wellicht iets meer kon vertellen.

 

Daarop kwam vrijwel direct een antwoord. 

Hij had zijn karakteristieke trekken in zijn gezicht te danken aan zijn vader. 

Vertel hem maar dat hij zijn lijnen heeft en dat zijn vader een Native American is (of Indiaan zoals wij het in de volksmond noemen).

 

Jarenlang bleef dit het antwoord en daar had hij vrede mee.

Tot dit jaar.

Iedere week waren er wel nieuwe vragen.

"Heeft ze niet een foto van hem?"

"Wat is ze naam?" 

"Bij welke stam hoort hij?"

"Heeft hij nog meer kinderen?"

"Weet hij van mijn bestaan?"

 

En in die laatste vraag zat zoveel verdriet verborgen.

In zijn hoofd draaide het overuren.

Wat als zijn vader wel voor hem had kunnen zorgen, wat als zijn vader dat wel had gewild, wat als ….

Ik beloofde hem er alles aan te doen om dit haarfijn uit te zoeken zodra we aankwamen in Florida.

Ik zou niet rusten voordat ik er alles aan gedaan had om de onderste steen boven te krijgen.

Antwoorden die gingen we vinden, hoe diep we ook moesten gaan graven.

 

Zijn zus wist ook niet veel maar wel iets.

Open adoptie, adoptie vanuit Amerika, Indian village, miccosukee, Everglades.
De plek waar we zoveel antwoorden vonden.

Zijn biologische zus en hij delen niet alleen dezelfde biologische moeder maar ook dezelfde biologische vader. 

Mijn hoop was dan ook op haar gevestigd.

Zou zij misschien iets meer weten, een goed aanknopingspunt hebben, een naam of wellicht weten of hij van hun bestaan wist.

 

Zijn zus kon ons helaas ook niet veel meer vertellen maar had hem wel twee keer ontmoet.

Het was een hele kleine man, die van het bestaan van beide kinderen wist en heel helder was geweest in het feit dat hij niet voor ze kon zorgen.

Hij had daar geen financiële middelen voor en hij wist niet zeker of de kinderen wel zouden passen binnen de gemeenschap. Zij had met die antwoorden compleet vrede gehad.

Ze wist geen naam, geen stam, geen aanknopingspunten.

Wel wist ze dat hij ergens in de buurt van Miami had gewoond.

 

Daar konden we wel verder mee.

Dat bracht het aantal stammen enorm terug.

 

We besloten via de Everglades van St Pete Beach naar Miami te rijden.

Daar moesten we langs een Indianendorp komen. Misschien konden ze ons daar verder helpen.

Al snel zagen we de huizen, dit kon niet missen.

Maar net zo snel als dat ik de huizen zag, zag ik ook dat we hier niet op een warm welkom hoefde te rekenen.

Overal stonden en hingen bordjes met teksten erop als GA WEG, Niet betreden, Kom niet over deze brug want dan zullen we schieten enz.

Snel stapten ik even uit de auto om enkele foto's te maken, misschien zou ik nooit dichter bij zijn biologische vader in de buurt komen dan dit maar ik bleef op gepaste afstand zodat ze  er geen aanstoot aan zouden kunnen nemen.

 

Enigszins teleurgesteld reden we verder.

Na een tijdje zag ik iets wat op een soort VVV-kantoortje leek. Ik besloot even met hem naar binnen te lopen, misschien trof ik daar iemand die mij naar de juiste persoon kon doorverwijzen.

Helaas, deze bleek gesloten en nergens was er een briefje te vinden met wanneer en of ze nog open zouden gaan.

Toen werden we geroepen. 

Ik hoorde het wel maar verstond niet wat er gezegd werd en ook niet waar het geluid vandaan kwam.

 

Het bleek te komen uit een klein hokje naast het water.

Nu weet je natuurlijk nooit of het verstandig is om zo maar naar iemand toe te lopen die tegen je roept en waarvan je niet weet wat hij roept en wat zijn intenties zijn maar iets in mij zei mij dat ik naar die man toe moest.

Joshua nam ik stevig bij de hand en samen liepen we door het hoge gras richting de man.

"Wat doen jullie daar?!" sprak hij op niet al te vriendelijke toon.

Ik legde uit dat ik bezig was met een zoektocht naar de biologische vader van mijn zoon.

De man zijn gezicht leek wel open te breken.

"Mevrouw ik denk dat u dan op de juiste plek bent aangekomen!. Ik wil niet op de dingen vooruit lopen maar het kan bijna niet anders als dat die jongen, die u bij zich heeft, er eentje van ons is".

 

Wat er dan door je heen gaat is met geen pen te beschrijven.

Was ik nu opeens zo maar dicht bij de oplossing?

Ging ik dan toch antwoorden vinden?

Hij kwam zijn hokje uit en bekeek Joshua van onder tot boven.

"Ja hoor, ik weet het bijna zeker maar u moet even een stukje terugrijden daar zit een museum. Onze chief is daar op het moment aanwezig en zal al u vragen beantwoorden. Ik laat weten dat u er aan komt".

Totaal flabbergasted reden we de route die de man had gezegd.

 

Binnengekomen in het museum voelde ik allerlei starende blikken, ze wisten duidelijk van onze komst af.

Een vrouw stapten naar voren en zei dat we mee moesten lopen.

Nooit vergeet ik meer dat kleine handje in de mijne die zachtjes kneep en daarna de blik in zijn ogen toen hij naar mij opkeek.

Wat zou er allemaal door zijn koppie gaan.

We werden meegenomen naar een kleine man die met enorm veel kettingen behangen was en op een hoge stoel zat.

Hij keek Joshua eens goed aan. Keek toen naar mij en zei zonder enige twijfel "Hij hoort bij ons".

Toen vertelde de man honderduit.

Hij wist karaktereigenschappen van Joshua te benoemen die totaal niet voor de hand liggen. Hij vertelde waarom hij sommige dingen anders zag en deed als andere kinderen en niet alleen Joshua maar ook ik hing aan zijn lippen.

 

Ik vertelde dat ik de bordjes onderweg had gezien en vroeg waarom die er stonden.

Hij gaf heel helder aan dat ze het moeilijk hadden, dat dit was om zichzelf te beschermen maar dat ze niet meer voor ons golden want wij hoorde er nu bij.

 

Op de vraag of hij enig idee had wie zijn vader kon zijn kreeg ik een blik en werd er onderling in een taal die ik niet verstond gesproken.

Hij had een vermoeden maar deed daarover geen uitspraken. 

Als het was wie hij dacht, dan woonde hij niet meer hier maar was hij naar Canada verhuisd.

Ik kreeg daarop een briefje in mijn handen geduwd met daarop een titel van een boek dat ik moest lezen en daarna moest terugkomen. Ik zou dan zeker meer begrijpen van alles.

 

We namen afscheid en terwijl we langs een wand vol foto's liepen wees de man mij op de trekken die Joshua ook in zijn gezicht heeft. 

"Ziet u dat?"

Ik knikte bevestigend.

Het afscheid leek wel eentje uit een film "Welkom, verloren zoon. Welkom thuis".

 

Nog steeds hand in hand liepen we richting de auto waar de rest zat te wachten op ons.

En??!! klonk het vanuit de auto.

"Dit is de plek waar mijn vader heeft gewoond, dit zijn de mensen waar ik dus bij hoor. Ik ben heel blij maar ik wil nu gewoon met jullie zijn. Want ook al hoor ik bij hun, ik hoor nog veel meer bij jullie".

 

Er biggelde een traan over mijn wang.

Antwoorden waren gevonden en al was er geen naam of een foto. Hij weet waar hij bij hoort.

Het moest duidelijk nog even allemaal een plekje bij hem krijgen.

In de achteruitkijkspiegel zag ik hem tegen zijn zus aanleunen terwijl zijn ogen dichtvielen.

Op dat moment wist ik al zeker dat hij er de komende dagen veelvuldig op zou terugkomen maar voor nu was het goed zo.

 

 

Reactie schrijven

Commentaren: 0